Beursberichten

Hij is leuk, maar ik ga natuurlijk voor de wijn. Hij doet iets in Sparkling, zie ik op de stand staan. Op een beurs waar ook enkele grote champagnehuizen goed vertegenwoordigd zijn, lijkt deze bescheiden aanduiding me een kennismaking waard. De conversatie verloopt in het Engels, de leuke man blijkt een Deen. Niet direct een wijnland, Denemarken, denk ik nog, als hij me vraagt of ik wel eens Sparkling Tea geproefd heb…

Heb ik weer. Loop je op een wijnbeurs en beland je bij thee… Enfin, daar bestaan tegenwoordig ook sommeliers voor. ‘Met slechts 5 % alcohol en gemaakt van uitsluitend organische theesoorten van hoge kwaliteit, worden de verschillende soorten bij elkaar gevoegd in een fles,’ vertelt Deen enthousiast. ‘Hieraan wordt wat biologische wijn toegevoegd, en aan de alcoholvrije variant vers druivensap en citroensap.’ Net als bij champagne volgt dan een geheime receptuur, vervolgt hij, waardoor elke mousserende wijn zijn eigen karakter ontwikkelt. Vast en zeker iets suikerhoudend, denk ik dan. ‘De met zorg gekozen theebladeren absorberen de wijn of het druivensap en dat levert een unieke sparkling tea op,’ zegt Deen, en laat me drie mousserende wijnen proeven. Het resultaat is verrassend. De groene theesoorten die in Grøn gebruikt zijn, geven de theewijn (als het woord al zou bestaan) inderdaad citrusachtige smaken. Rød is een mousserende rosé op basis van de hibiscusbloem met een lange afdronk. En Vinter is het buitenbeentje, een wijn met chai-thee als belangrijkste ingrediënt en waarin je inderdaad typische ‘winter’geuren als kaneel, kruidnagel en kardemon herkent.

Een fijn geur- en smaakexperiment, zeker, en ik bedank Deen. Wat ik niet helemaal begrijp is waarom thee en wijn überhaupt geblend zouden moeten worden. Net zomin als bijvoorbeeld wijn en bier, waarmee het Chileense Winebeer (The original) een poging doet om druiven en hop te combineren. ‘A nice contradiction‘ zeggen ze zelf al op het etiket.

Terug naar de beurs. Ontmoetingen met bekende en nieuwe wijnmakers, gerechtjes bij bepaalde wijnen proberen en vice versa. Hier een handje schudden, daar een praatje maken, en veel proeven. Niet alleen wijnen, ook koffie, thee, chocolade, worsten, hammen, kazen, kruiden en, jawel, kaviaar. Sterker, we krijgen de gelegenheid om verschillende types (zilt, notig, aromatisch) te proeven in combinatie met prachtige vintage Bollinger champagnes. De kaviaar wordt ‘puur’ geserveerd, dat wil zeggen, op de bovenkant van de hand, op de huid dus.

Als niet ervaren kaviaarproever kijk ik even naar de mensen om me heen hoe het verder hoort: je likt vervolgens de delicate steureitjes op en laat ze tegen je gehemelte ‘uiteen’ spatten. Inderdaad, een kleine smaakexplosie in je mond. Dan zie ik ook de leuke Deen in het gezelschap. Met een glas champagne in zijn hand. Gelukkig, hij gaat toch ook voor het echte werk!

Roze

fifty shades of rose

Of het nu de zomerse temperaturen zijn of de uitnodigende kleurtjes, ik weet het niet, maar dezer dagen gaat er in onze keuken of op het terras verrassend vaak een fles rosé open. Soms als aperitief, soms als maaltijdwijn en hoera, ook als er iets te vieren is!

Rosé is niet de gemakkelijkste wijn, dat wil zeggen, als je een goede wil maken. Dat heeft er lang aan ontbroken want rosé werd voornamelijk in de zomer gedronken. “Roze” verder lezen

Weelderig

Zou hij van lichte rode wijn gehouden hebben? Dat is natuurlijk niet hetzelfde als rosé maar in vroeger tijden was de clairet (inderdaad een eenvoudige, lichte rode Bordeauxwijn) overal erg populair. Toch denk ik dat onze Vlaamse meester Peter Paul Rubens (1577-1640) de voorkeur gaf aan iets stevigers. Een volle rode wijn met voldoende tannines om qua structuur overeind te blijven. Krachtig als zijn schilderijen en weelderig als zijn figuren, met een rijk bouquet waarin je allerlei aroma’s kunt herkennen. Als hij zich die moeite gegeven zou hebben.

bacchusZijn Bacchus, het schilderij waar hij bijna drie jaar aan werkte en dat hij vlak voor zijn dood voltooide, doet dat in ieder geval niet. Zittend met zijn vadsige gat op een houten vat, domineert de Griekse god van de wijn het tableau. Hij laat zich ruimschoots bijschenken door een dame met een wulps ontblote borst. Witte wijn, overigens. De faun die achter hem is afgebeeld, bekommert zich niet om hedendaagse manieren en zet de kruik met wijn aan zijn mond. De kindjes, de een gulzig om wat druppels op te vangen, de ander gretig om wat druppels te lozen, delen in de blijmoedige overgave.

Rubens was niet alleen een begenadigd schilder, hij was ook een slimme zakenman en een internationaal gerespecteerd diplomaat. Toch is zijn naam vooral ook verbonden met een bepaald type, de zogenaamde rubensfiguur. Dat is eigenlijk altijd een vrouw, met weelderige vormen. En het zijn die mollige, voluptueuze contouren die menige man inspireren om een wijn te beschrijven. Hoe smaakt een rondborstige wijn?

rubenstuinIk kom erop omdat ik onlangs, op een van de afgelopen zonnige dagen, op het dakterras zat van het gebouw dat uitkijkt op de tuin van het Rubenshuis aan de Wapper in Antwerpen. Genietend van het weer, de tuin, het uitzicht over de stad en nippend aan een glas rosé. De wijn was eenvoudig, maar hij deed op dat moment precies waarvoor hij was geopend: fris en fruitig zijn, en lekker koel. Daar waren verder geen rubensiaanse termen voor nodig.

Ieder zijn eigen goeroe…

Koren op mijn molen, boektitels als ‘Wijn drinken is gezond’ en ‘Neem er nog een’ of ‘Afslanken met wijn’. Voor zover ik weet bestaan de laatste twee titels niet maar wie weet schrijf ik de boeken zelf nog, bedenk ik me als ik, met de zomer in het vooruitzicht, mijn bikini uit de kast haal. Want vreemd genoeg is deze alweer gekrompen…

Onzin natuurlijk, ik  ben gewoon aangekomen. Ondanks alle smoezen en de goede gesprekken met mijn weegschaal ten spijt, toont mijn badkleding onverbiddelijk wat ik al langer weet: er moeten dringend wat kilo’s af. En niet alleen voor de zomer.

Ik besluit dat ik oud en wijs genoeg ben om het zonder de hulp van voedingsdeskundigen, vermageringsconsulenten of dieetgoeroe’s te stellen en neem mijn dagelijks eet- en drinkpatroon kritisch onder de loep. Hm, daar kan inderdaad best hier en daar wat bezuinigd worden.

Ik plak en knip een tot mislukken gedoemd maar smakelijk dieet bij elkaar en kom dan aan bij  de wijn. Net als komkommer bestaat wijn voor 90% uit water. Dat gaat goed, denk ik nog. Maar anders dan komkommer is de resterende 10% in wijn calorierijk. Elke gram alcohol bevat 7 calorieën. Gemiddeld genomen zit er in een glas rode wijn 80-100 calorieën, in een glas wit of rosé 100-120 calorieën en in zoete witte wijn ongeveer 170 calorieën. Dat tikt lekker aan, weet ik…

Niettemin, ik begin sterk en halveer mijn rantsoen, zowel qua eten als drinken (behalve het water, dat is standaard minimaal een fles per dag en dan heb ik het niet over die 90% in de wijnfles). Het eetcafé aan de overkant ziet me voorlopig niet, de appeltaart wordt niet gebakken en de spreekwoordelijke boter bij de vis wordt uit het menu geschrapt. Alleen dat glaasje wijn laat ik me niet ontnemen. Na lang onderhandelen met de weegschaal is er een week later een halve kilo af.

Dat schiet niet op, al werkt de kwakkelzomer nu in mijn voordeel: er zijn nog nauwelijks temperaturen geweest die om badkleding vragen. Toch is er inmiddels een paar kilo af. Het ultieme recept daarvoor vond ik in een Frans boekje met de klinkende titel ‘Soignez-vous par le vin’ (in Nederlandse vertaling ‘Franse wijn als medicijn). Daarin adviseert dr. Maury mensen die willen vermageren een vet- en koolhydraatarm dieet. De begeleidende wijn zou ook aan die eisen moeten voldoen, zegt hij waarbij anderzijds ‘het genieten ervan tijdens de maaltijd de mogelijkheid biedt van een verzachting van dit strenge dieet.’ Ha, hier spreekt een wijs man. Wijnen uit de Côte d’Or (Bourgogne) lenen zich hier het best voor ‘omdat deze door hun samenstelling het vetmetabolisme bevorderen, met behoud van de voedingshoedanigheden van de vetten.’ Dosering? Twee bourgogneglazen tijdens de maaltijden, schrijft dr. Maury voor. Heerlijk, laat de zomer maar komen!

PS: Dr. Maury heeft zijn naam mee: Maury is een kleine wijnappellatie in het zuiden van de Languedoc-Rousillon waar de zogenaamde vin doux naturel vandaan komt, versterkte (rode) wijn met een hoog alcoholpercentage en veel restsuiker!

Vrienden, paella en wijn

Natuurlijk zijn de oude vuistregels, ‘witte wijn bij vis en rode wijn bij vlees’ achterhaald. Daar  bestaan tegenwoordig heel andere theorieën over en er zijn academies waar je je in de gastronomie kunt laten opleiden. Ook in Nederland, dat vroeger niet bekend stond om zijn culinaire en vineuze hoogstandjes maar inmiddels aan een inhaalslag bezig is.

Helemaal uit de lucht vallen doen die regels uiteraard niet, maar het zijn geen dogma’s meer. Je kunt gerust een licht gekoelde Beaujolais drinken bij een zomers visje of een aromatische Riesling bij gegrilde speklapjes. Dat doen ze in de Elzas ook met hun befaamde zuurkoolschotels. Streekgerechten en wijnen uit datzelfde gebied gaan over het algemeen heel goed samen. Want het gaat om de balans. Wijn en spijs moeten zoveel mogelijk harmoniëren, in evenwicht zijn met elkaar en er samen iets nog mooiers van maken. Zoiets als een goed huwelijk.

Maar welke richtlijnen volg je met betrekking tot de wijnkeuze als in je gerecht zowat alles zit, zowel rijst als bonen, zowel gevogelte, wild als verschillende vissoorten? Inderdaad, ik heb het over paella. We hebben zondag in belangrijke mate in de keuken doorgebracht om dit traditioneel uit Valencia afkomstige gerecht te maken. Konijnenboutjes en kippendijtjes aangebraden, tuinbonen gedopt, uitjes gehakt, paprika gesneden, kruiden geknipt, inktvisrolletjes gewassen, mosseltjes gekookt, garnalen gepeld en de rijst opgezet.

De rijkheid van het gerecht is eigenlijk terloops ontstaan. Rijst, gekleurd en geparfumeerd met saffraandraadjes waardoor het de kenmerkende goudgele kleur krijgt, vormde de basis en daaraan voegde men naar hartenlust toe. Slakjes, konijn, kip, varken, paling, inktvis, garnaaltjes, artisjokken, erwtjes, kortom, alles ging in de pan wat er voorhanden was, zwom of rondliep. Het verklaart in ieder geval de grote variëteit die in de loop der tijd is ontstaan in dit nog altijd typisch Spaanse gerecht.

Uitgaande van het harmoniemodel op tafel, lag het voor de hand een Spaanse wijn te kiezen,  een rioja reserva bijvoorbeeld, die heeft duidelijk kracht en het hout van de vaten waarin de wijn drie jaar gelegen heeft, is aanwezig zonder dominant te zijn. Toch kozen we, vrijheid blijheid, voor een Tavel, de bekende krachtige rosé uit de zuidelijke Rhône en zeer geschikt als maaltijdwijn. Die combineerde inderdaad wonderwel met de paella. Dat vonden ook de vrienden die we te eten hadden uitgenodigd dus daar zijn wel een paar flessen doorgegaan!