Belevenissen in de wijngaard (4)

“Doe die ringen maar af,” waarschuwt domeinheer François Trapet als ik, verregend maar nog steeds enthousiast, de snoeischaar in mijn volgende druivenstok steek. “Het zuur van de druiven geeft aanslag.” Hij heeft gelijk, constateer ik, helaas te laat. Met kleverige vingers van het druivensap, prop ik de ringen in de zak van mijn inmiddels natte en vieze spijkerbroek.  Tja, ook het plukken is een vak apart!

Weer of geen weer, als de oogst (vendange of récolte) zich aankondigt, is het zover. Dan zijn de druiven rijp en is de balans tussen opgebouwde suikers en afgebouwde zuren optimaal. Er staat geen datum op het moment van oogsten, dat verschilt per regio, druivenras en de beoogde stijl van wijn. De pinot noir voor een crémant (mousserende wijn) bijvoorbeeld, wordt eerder geplukt dan dezelfde druif voor een ‘stille’ (gewone) wijn. De algemene regel is echter dat de oogst ongeveer 100 dagen na de bloei plaatsvindt. In Frankrijk komt daar nog een richtlijn bij. De ‘ban de vendange’ bepaalt tot wanneer je niét mag oogsten. Daarna, als de ‘ban’ wordt opgeheven, is het aan elke wijnboer om zijn eigen moment te kiezen.

Eind september 2010, het plukken is in volle gang. In de Bourgogne wordt alles handmatig geplukt en de wijngaarden gonzen dan ook van de gebogen ruggen en af en aan rijdende tractoren. Files op de Route des Grands Crus! Gedurende de oogst gelden speciale verkeersregels en zijn er gelegenheidsborden geplaatst, zoals de gele ‘Vendanges!’ waarschuwingsborden en ‘Grappillage interdit’. Dit laatste slaat op het verbod om de (afgekeurde) druiventrossen die na het oogsten achterblijven in de wijngaard te rapen. Officieel of niet, tractoren hebben altijd voorrang. Het is van het grootste belang om de druiven zo snel mogelijk ter plaatse te krijgen. Immers, als de dagtemperatuur te hoog is, bestaat het gevaar dat de druiven tijdens het transport al gaan gisten. En als het te vochtig is, zoals nu, is de kans op rotting groter.

Er wordt hard gewerkt in de wijngaarden, van acht uur ’s ochtends tot zes uur ’s avonds maar er zijn om de twee uur prettige onderbrekingen. De eerste break is om tien uur, met een broodje en koffie of een glas wijn. Naar het repas tussen de middag ziet elke plukker reikhalzend uit: een voor- en hoofdgerecht, kaasplateau, dessert en koffie. En wijn vanzelfsprekend! Er wordt goed gegeten en met mate gedronken, er wacht immers nog een lange plukmiddag, al is er om vier uur ook nog een pauze.

Het saamhorigheidsgevoel in de wijngaarden is verrassend, en dan heb ik het nog niet eens over de steelse romances die opbloeien tussen de ranken. Is het ondanks of dankzij de oogsttijd dat iedereen elkaar groet en dat er overal met elkaar wordt gewerkt, gelachen en gezongen? Ik sta versteld. Even denk ik dat het komt omdat er veel buitenlanders zijn ingehuurd om te plukken, maar nee, ook de Fransen, wijnboeren en buitenlui, zijn ondanks de stress, très aimable! Overigens, de Franse overheid houdt de plukkers scherp in de gaten. Elk domein is verplicht het aantal ingehuurde mensen op te geven en vanuit rond cirkelende helikopters wordt inderdaad gecontroleerd.

“Een goede coupeur plukt 12 dozen van 30 liter per dag,” moedigt François ons aan als hij de verzamelde web-vignerons uitlegt hoe er geknipt moet worden. In een emmertje gaat ongeveer 8 kg druiven, dat komt overeen met 4,5 liter, reken ik uit, dus 6 flessen. Ik koester me in mijn beginnersrol: 45 emmers ga ik niet halen vandaag.

Onervaren als we zijn, krijgen we, behalve een emmer en een snoeischaar, strikte instructies mee de wijngaard in. “Ten eerste, werk nooit met zijn tweeën aan één druivenplant,” zegt François. “Door het gebladerte hangen de trossen soms verstopt en je knipt zo in je vinger. Of in die van iemand anders,” voegt hij er met een sardonische glimlach aan toe. “Ten tweede, begin altijd bij een nieuw piquet (paaltje). En tenslotte, pluk alleen onderaan en laat de bovenste twee rijen druiven hangen. Die zijn nog niet rijp.”

Wij plukken ons broederlijk een weg door onze geleaste stokken. Omdat wij als web-vignerons natuurlijk geen echte vendangeurs zijn (uiteindelijk is het een soort door onszelf betaalde stage), zijn de werktijden aangepast. Tegen het middaguur laden we de gereedstaande truck vol met onze geoogste druiven waarna we, nat als we zijn, dankbaar gebruik maken van de gelegenheid ons wat op te knappen. Eenmaal terug op het Domaine worden we vergast op een voortreffelijke lunch, voorafgegaan door het huisaperitief, een kir. Deze vin blanc cassis is afkomstig uit de Bourgogne (genoemd naar Canon Kir, verzetsheld in de Tweede Oorlog en latere burgermeester van Dijon) en wordt traditioneel gemaakt van het stiefbroertje van de chardonnay, de aligoté. Het is een vroeg rijpende druif met een hoge natuurlijke zuurgraad. Om die wat te compenseren wordt van oudsher een scheutje zwarte bessenlikeur toegevoegd. We heffen het glas en brengen een toast uit op onze oogst.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *